Nu de fusie Nazareth-De Pinte een feit is, staan we voor de uitdaging om twee organisaties in elkaar te schuiven met als doel om een meerwaarde te creëren: 1 + 1 is meer dan 2.
Tien speerpunten voor de nieuwe organisatie
Vanuit het managementteam formuleerden we 10 speerpunten voor de nieuwe organisatie:
- De globale dienstverlening versterken, gericht op de noden van de nieuwe gemeente
- Efficiëntie verhogen door procesoptimalisatie en het inzetten van digitale technieken
- Continu evalueren door te sturen op data
- Een warme werkgever die vertrouwen geeft en investeert in mensen
- Een gezonde financiële basis
- Een lange termijnvisie voor het verduurzamen van het patrimonium
- De bestaande partnerships beter opvolgen
- Slim samenwerken bij de keuze van partnerships
- De organisatiecultuur: een volwaardig ambassadeurschap voor Nazareth-De Pinte
- De as college-managementteam als motor voor een gedreven organisatie
Van speerpunten naar acties: zelfevaluatie
Om dit concreet te vertalen in een aantal acties, voerden we in mei – september 2025 een zelfevaluatie uit. De medewerkers van de betrokken teams zijn hierbij maximaal betrokken: wat loopt goed, en welke zijn mogelijke verbeterpunten? En welke impact had en heeft de fusie?
Op basis hiervan maakt het managementteam een actieplan op voor de komende drie jaar. In 2027 maken we pas op de plaats: waar staan we na drie jaar in het fusieproces en wat zijn vervolgacties?
Deze zelfevaluatie kadert binnen onze organisatiebeheersing. De raad keurde op 28 april 2025 het organisatiebeheersingssysteem goed. Het lokaal bestuur Nazareth-De Pinte baseert zich voor haar organisatiebeheersingssysteem op de leidraad van Audit Vlaanderen. Deze leidraad is een gids met doelstellingen rond organisatiebeheersing, risico’s en beheersmaatregelen.
Het model bestaat uit 10 thema’s waarvoor telkens doelstellingen rond organisatiebeheersing en de beheersmaatregelen zijn uitgewerkt. Die doelstellingen zijn de basisvoorwaarden om een organisatie goed te kunnen te kunnen beheersen.
- Doelstellingen en procesmanagement (=DP)
- Belanghebbendenmanagement (=BHM)
- Monitoring (=MON)
- Financieel management (=FIM)
- Organisatiestructuur (=ORG)
- Personeelsbeleid (=HRM)
- Organisatiecultuur (=CUL)
- Informatie en communicatie (=ICO)
- Facilitaire middelen, opdrachten en contracten (=FAM)
- Informatie- en communicatietechnologie (=ICT)
Hierbij wordt de PDCA-cyclus gehanteerd, en dit zowel voor het model in het algemeen als voor de afzonderlijke thema’s:
- Plan: doelstellingen formuleren en plannen maken om die doelstellingen te bereiken;
- Do: de organisatie zo uitbouwen dat plannen en doelstellingen op een effectieve, efficiënte, integere en kwaliteitsvolle manier kunnen gerealiseerd worden;
- Check: regelmatig opvolgen van de realisaties op basis van de planning;
- Adjust/Act: bijsturen van realisaties en mogelijk ook van de plannen en doelstellingen.

Aan de buitenkant van het model zien we 4 algemene doelstellingen rond organisatiebeheersing: effectiviteit, integriteit, kwaliteit en efficiëntie.
- Effectiviteit geeft aan dat de organisatie de juiste dingen doet. Ze doet wat ze moet doen, steeds binnen de politiek vastgelegde krijtlijnen.
- Integriteit geeft aan dat de organisatie inzet op de versterking van haar integriteit in haar geheel en van het integer handelen van de individuele personeelsleden.
- Kwaliteit slaat op de mate waarin de organisatie streeft naar voortdurende verbetering, rekening houdend met wat de belanghebbenden van haar verwachten.
- Efficiëntie betekent dat ze haar middelen correct inzet.
De visie achter de leidraad is dat een organisatie die inzet op een sterke interne werking voor de 10 thema’s, daarmee ook zorgt voor de randvoorwaarden om een effectieve, efficiënte, kwaliteitsvolle en integere organisatie te zijn.